Tijdens je tijd bij ORMIT wordt er verwacht dat je je optimaal inzet op je opdracht bij de participant. Om dit vol te kunnen houden is het minstens zo belangrijk dat je ook op de juist momenten je rust pakt. Daarom schrijf ik dit blog lekker in de zon op ons rustieke terras in de Belgische Ardennen. Fluitende vogels om je heen, lange boswandelingen, lekker eten en vele glazen wijn zorgen voor een heerlijk ontspannen gevoel. Even lekker weg van het werk, niks aan je hoofd en even niet bezig zijn met je ontwikkeling….althans dat dacht ik. Het was namelijk, met 10 mensen in één huis, toch moeilijk om een week lang alleen maar leuk tegen elkaar te doen. Vooral omdat we elkaar allemaal al wat langer kennen, waren het ook de al langer lopende irritaties die de kop op staken. Alles wordt gelukkig altijd wel uitgepraat, en het stomme is dat blijkt dat de meeste irritaties berusten op verkeerde veronderstellingen en al veel eerder benoemd hadden moeten en kunnen worden.

Wat ik ook merkte is dat het, vooral als er heftige emoties meespelen, moeilijk is om jezelf op dat moment écht in de ander te verplaatsen. De adrenaline die door je lijf giert en de boosheid die daarmee gepaard gaat, maakt ook bij mij dat het makkelijker is om met je vinger naar iemand anders te wijzen, dan je eigen fouten te erkennen. En voor mij gaat mijn ORMIT-periode juist daar om: zelfreflectie.

Die zelfreflectie wordt zelfs na de korte tijd, die ik pas bij ORMIT werk, al een soort automatisme. Waar ik normaal gesproken na deze ruzies al lang blij was als het afgelopen was, betrapte ik mezelf er nu op dat ik mezelf allerlei vragen stelde. Had ik bepaalde dingen anders aan moeten pakken en zo ja, hoe dan? Wat voor invloed heeft mijn gedrag op de anderen? Welke rol vervul ik in deze groep?

In de afgelopen weken heb ik ook gemerkt dat deze momenten voor zelfreflectie moeilijk te kiezen zijn. Sterker nog, ze komen meestal op momenten dat ik er helemaal niet op zit te wachten. Bijvoorbeeld omdat ik boos ben, omdat ik geïrriteerd ben of omdat ik gewoon moe ben. Toch zijn het deze momenten die je moet pakken om erover na te denken. De momenten waarop de emoties nog vers zijn. Hoe moeilijk het ook is om op dat moment ‘objectief’ naar jezelf te kijken. Het is een continu proces.

Zo ook toen ik onlangs bij mij thuis in Den Haag een aanvaring kreeg met mijn onderbuurman, de Haagse equivalent van Vader Tokkie. Terwijl ik erg moe op de bank lag en al helemaal niet op zijn hardcore zat te wachten, riep ik in een opwelling van frustratie naar beneden dat hij en zijn blikken bier voor het huis moesten vertrekken. Waarop hij met zijn standaardverweer reageerde: “Kijk nâh jûh eigûh!”. Misschien is de man toch wijzer dan dat ik dacht.

You can follow any responses to this entry through the RSS 2.0 You can leave a response, or trackback.

Reageer

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>