Hello Tiger!
Geplaatst door on“… en, wat zou je zelf graag willen?” vraagt mijn coach. Hoezo, denk ik lichtelijk geïrriteerd, het is toch overduidelijk dat mijn manager juist daarin niet zo bijzonder veel interesse heeft! Dat ik maar gewoon te doen heb wat er van me wordt gevraagd! En ja, wat wil ik eigenlijk precies? Lastig… En later, als ik de vraag, zei het wat wankel, heb beantwoord: “hoe zou je dat kunnen aanpakken denk je?” Uhh… gewoon, communiceren of zoiets? Weet ik het.
Zie hier een fragment uit een coachingsgesprek ergens in het begin van mijn ORMIT periode. Het is autobiografisch, maar ik vermoed dat ook mijn poolgenoten en andere trainees dergelijke gesprekken hebben gevoerd met hun coach. Het past bij de periode waarin je ontdekt dat de mensen waar je mee samenwerkt naast een aantal gemeenschappelijke doelen ook diverse eigen belangen nastreven, en dat die niet altijd overeenkomstig zijn met die van jezelf. Dat wist je natuurlijk al, maar het kan toch even tegenvallen. Want hoe ga je daar nu op een goede manier mee om? Hoe houd je iedereen tevreden, of kan dat juist niet? Iets met win-win?
Het antwoord op dergelijke vragen kent denk ik twee kanten. Allereerst is het van belang inzicht te krijgen in de belangen van een ander. Dat vraagt in ieder geval dat je luistert, en daarnaast helpt het als je probeert om wat je hoort niet meteen als ‘totale onzin’ te kwalificeren. De andere kant ligt bij jezelf. Weet je wat je zelf eigenlijk wilt, wat je eigen belangen zijn, en heb je het gevoel dat je die ook zelf kan en mag (moet!?) nastreven?
In de loop van mijn ORMIT traject heb ik op beide vlakken veel geleerd. Ik kan een prematuur oordeel beter herkennen, en ik weet inmiddels redelijk goed waar ik voor sta en wat ik goed en minder goed kan. Bij een intake voor een mogelijke opdracht heb ik inmiddels een gebalanceerd verhaal dat weergeeft wie ik ben en waarbij ik tegelijk rekening houd met wat de klant van een ORMIT’er, mij, verwacht.
Met gezonde spanning maar ook met vertrouwen in de goede afloop ging ik daarom ook een aantal weken geleden naar een kennismakingsgesprek bij één van de participanten van ORMIT. Leuk bedrijf, uitdagende functie, en mijn verhaal had ik dus op orde. Mijn sterke punten konden goed van pas komen in het team, dus de win-win lag voor het oprapen.
Na de vrolijk gespannen kennismaking en een kopje koffie uit de automaat, manoeuvreerde ik vloeiend door de eerste vragen heen. Ik maakte een grapje, er werd gelachen, en ik stelde een, al zeg ik het zelf, behoorlijk intelligente vraag. Geen wolkje aan de lucht, ik zag me hier al helemaal meedraaien. Nog maar een grapje, en nog een antwoord. “Goede vraag” hoorde ik mezelf zeggen. Het liep gesmeerd. Dacht ik. En toen dat vage geluid van gerommel. Was het een vliegtuig? Een windvlaag, uit het niets. Ik riep iets als “dat hangt er maar van af denk ik” en voelde een spatje regen. Schuilen dan maar, of de bui even uitzitten? Wellicht gaat de zon straks weer stralen dacht ik, en probeerde nog maar een grapje. Er werd niet gelachen.
In drie vragen tijd was de stemming omgeslagen. De match die ik dacht gezien te hebben werd niet helemaal als zodanig herkend aan de andere kant van de tafel. Er werd iets anders van mij verwacht. Andere competenties, een andere taakinvulling. Hmm… wilde ik dat wel?
Ik koos ervoor niet mee te buigen. Liever nog even verder kijken dan me nu committeren aan iets dat gevraagd werd, maar niet in overeenstemming was met wat ik zelf wilde. Hortend en stotend puften we naar de laatste vraag. “We zien geen perfecte klik” hoorde ik iemand zeggen, maar in gedachten stond ik al buiten.
Hoe erg ik het ook met de vrouw eens was die niet mijn manager zou worden, afgewezen worden doet toch pijn. Waarom niet een beetje flexibel geweest, dacht ik een beetje sip. Als je alleen maar aan je eigen wensen blijft vasthouden ga je natuurlijk nooit snel een nieuwe opdracht vinden. Lekker nuttig dat ‘bij jezelf blijven’. Volgende keer maar weer meebuigen. Stom bedrijf ook trouwens.
In de auto terug komt de stemming er niet in. Ik ben, zeg maar, chagrijnig. En de muziek op de radio is deze keer echt heel slecht.
De telefoon gaat; een poolgenoot.
”Nee, niks geworden”
…
“Tja, laten we zeggen dat er geen match was”
…
“Ach ja, een ervaring rijker, ik heb er weer van geleerd”
…
“Ja klopt, haha, typisch ORMIT – overal lekker van leren”
…
“Ow, wat leuk. Bij de Rabobank?”
…
“ook geen match..”
…
“goh, zelf je wensen aangeven…”
….
“eigen project leiden…”
…
“ja, heel leuk voor je…”
…
“heel goed dat je bij jezelf gebleven bent”
…
“Authenticiteit, dat herkennen sommigen meteen inderdaad.”
…
“Ja doei, succes he!”
Stilte.
Verwarring. Wat is dit?
En dan dat onderbuikgevoel. Die kriebel, net alsof je hoort dat het vliegtuig van je vriendin een uur eerder landt. Dat je een ongehoord hoog cijfer voor je examen hebt gehaald. Ik had gelijk! Mijn coach had gelijk! Wat krijgen we nu! Een beetje chagrijnig zitten wezen terwijl je net de deur hebt opengelaten naar alles dat je wel echt wilt! Ha! Kansen zat, dat zie je maar weer. Gewoon lekker doorgaan zo, tiger!
En morgen meteen maar even de accountmanager van de Rabobank bellen.
You can follow any responses to this entry through the RSS 2.0 You can leave a response, or trackback.



































